De andere
kant van het meer
Wie
enkele jaren geleden de film “A month at the lake” van
John Irvin heeft gezien, met Vanessa Redgrave en Edward
Fox, heeft enige voorsprong bij het lezen van dit artikel.
Deze warme, langzame film vertelt een romantisch verhaal
van een Engelse volwassen vrouw die tijdens de jaarlijkse
vakantie aan het Como meer een ex-kolonel ontmoet. Ze
sluiten vriendschap en met allerhande tussenverhaaltjes
worden ze verliefd en... the rest is history. De trage
ontwikkeling van het verhaal, de lange shots en camerabewegingen,
de verfijning van de details in kostuums en rekwisieten
en de verweving van het landschap in de beelden, verheffen
deze film tot een belevingsgewaarwording, een gevoelsextase,
een euforie van sensueel genot. Ongewone woorden om uit
te drukken dat wanneer verschillende vormen van schoonheid
(in haar pure eenvoud) bij elkaar komen, een existentiële
vorm van totaal welbehagen in ons kan plaatsvinden. Waar
het leven als een volledige werkelijkheid wordt ervaren.
Kunst
Eenzelfde
ervaring biedt een verblijf aan het meer van Lugano in
Tissin, op de grens van Zwitserland en Italië. Niet
aan de mondaine, snelle kant van het meer waar de stad
Lugano in haar ambitie alles bepalend is, maar helemaal
aan het andere uiterste dat begint bij het dorp Melide.
Vracht- en vakantieverkeer razen dwars over het meer
richting Milaan en laten de westelijke arm van het meer
onaangeroerd liggen. De stilte valt, het genieten kan
beginnen, de andere kant van het leven vangt aan. U treedt
een zinnelijk paradijs binnen. Plaatsen die luisteren
naar de naam Val Solda, Carona, Campione, Vico Morcote
of Montagnola. In dit laatste plaatsje op de Collina
d’ Oro (Goudheuvel) woonde gedurende tientallen
jaren de schrijver en Nobelprijsdrager Hermann Hesse
(Der Steppenwolf, Stunden im Garten). Hij ligt begraven,
naast bekende bouwmeesters en beeldhouwers uit de streek,
op het kerkhof van Gentilino, geflankeerd door cipressen.
Als u op bezoek gaat treedt u in de voetsporen van Bertold
Brecht, Thomass Mann of Theodor Heuss.
'Ticino', het zuidelijkste kanton van Zwitserland, is een merkwaardig gebied,
waar Italië al is begonnen. De redelijkheid, beleefdheid en degelijkheid
van de Zwitsers vermengt zich hier met de opgeruimde losheid van het zuiden.
Is het dan een wonder, dat Tessin een zodanige innige band met de kunst heeft?
Al eeuwenlang brengen deze dalen kunstenaars voort die zich over heel Europa
verspreid hebben. Daarvan getuigen beroemde monumenten als de gevel van de
St. Pieterskerk te Rome, het koninklijke paleis in Napels, de Aya Sofia (moskee)
in Istanboel en de torens van het Kremlin in Moskou. Meestal keerden deze bouwmeesters,
beeldhouwers en schilders op oudere leeftijd terug en versierden hun vaderland
met (door geldgebrek bescheiden uitgevoerde) kapellen, kerken en klokkentorens.
Wandelen
Voor
wandelaars is het hier een paradijs. Men kan er uren
wandelen door beuk-kastanje bossen, om dan plotseling
op een hoger gelegen alpenweide uit te komen, waar de
vergezichten over de omgeving betoverend liggen te zinderen
in de zomerzon.
Vanuit het duizendjarige dorp Carona (602 m) komt men terecht in de botanische
tuin San Grato. Wie eenmaal de 30.000 m² rododendron en azalea heeft zien
bloeien zal waarschijnlijk jaarlijks op pelgrimstocht terugkeren om zich in
dit park te vertreden. Vlakbij, dieper in de bossen, ligt de mysterieuze bedevaartskerk
Madonna d'Ongero (ca. 1700).
Bent u een klimmer en een echte panoramagenieter kunt u naar de Monte Generoso
(1701 m). Dit is de hoogste top van het bergmassief dat het Meer van Lugano
in het oosten begrenst. De top, bereikbaar met een tandradbaan vanaf Capolago,
biedt een prachtig uitzicht.
De rand van het meer biedt ook de nodige inspiratie. Weelderige villatuinen
met een mengeling van bekende, exotische en mediterrane planten en bomen vormen
het decor. Prachtige stenen ornamenten en gietijzeren versierselen (zie TA
Nr. 01, De Trap).
In het stadje Melide herbergt zich een vreemde wereld: het themapark ‘Klein
Zwitserland’. Het is merkwaardig en vervreemdend om tussen de omringende
bergen in miniatuur te zien hoe bergen eruit zien. Het oude dorp is echter
van een grote melancholische schoonheid, welke tussen de muren van de smalle
steegjes is blijven doorleven.
In het vissersdorp Morcote kan men onder de oude arcaden rusten of lunchen
voordat de patriciërshuizen bewonderd worden, gedomineerd door de via
een prachtige trap (400 treden) bereikbare bedevaartskerk Madonna del Sasso
(14/18e eeuw).
Parco Scherrer
In
Morcote bevindt zich het hoogtepunt van de reis. Vanaf
het meer de bergwand op, ligt het Parco Scherrer. Een
paradijstuin van de rijke textielbaron en mevrouw Scherrer
die er hun dromen realiseerden. Het dorp Morcote heeft
de tuin verkregen op voorwaarde dat hij altijd voor het
publiek toegankelijk zal blijven. Een bezoek aan deze
tuin is als een fantasiereis naar de Zeven Wonderen van
de wereld. Onderweg ziet men een Siamees theehuis, de
tempel van Neferiti, een Casa Araba, een zonnetempel,
de Palazzina en vele beeldhouwwerken. Deze curieuze kunstcollectie
van kopieën en originelen, is geplaatst in een subtropische
vegetatie van cipressen, bamboes, ceders en palmen.
Door de verticale werking van de beplanting op de berghelling wordt een venster
op het landschap gecreëerd en het uitzicht over het meer nog versterkt.
Horizontaal lopen dan steeds de verschillende werelden die als echte theaterdecors
verschillende sferen oproepen. Zeer geraffineerd zijn de tussenliggende tuindelen
die als overgang de bezoeker weer ‘neutraliseren’ voor hij de volgende ‘cultuur’ binnentreedt.
In deze fascinerende ‘kleine’ wereld van kunst, cultuur, architectuur
en botanie ervaart men een curieuze mengeling van heden en verleden, culturele
historie en een natuurlijke omgeving. Het moet jarenlang geduldig werk hebben
gekost aan het echtpaar Scherrer om deze ‘setting’ van reisherinneringen
en fascinatie voor andere culturen te realiseren.
Michel Lafaille
juni 2003 |