Kleine poëzie van de blik die bleef hangen op het afgevallen blad dat op de grond lag, licht glinsterend, ondanks het donkere weer en de wolken, door het schaarse licht dat weerspiegelde in de regendruppels die erop lagen, als pronkstukjes, pareltjes, en getuigden van het weer van de laatste uren, met storm, zoals hoortde bij de herfst, maar toch ieder jaar weer verraste als het zover was, want uit het geheugen gewist, dan hoogstens als een vage herinnering aanwezig, van ooit, van hoe het was, en reeds lang niet meer is; wat niet klopt, want vorig jaar nog, weet ik goed, was er ook zulk weer, maar naar achteren geduwd in het geheugen en dat komt door al die beelden in ons hoofd, te veel, veel te veel, maar ontsnap er maar eens aan.
Reactie plaatsen
Reacties