Wanneer je ze ziet staan, ben je al halfweg naar de hemel, schreef ik eens. En ze staan hier overal, de smalle, de cipressen, en deze, de wat dikkere, de coniferen. Niet getemd en gesnoeid zoals in de tuinen van Almere of Geldermalsen, vernederd tot schutting.
Hier lopen ze de heuvels over, maken lijnen in het landschap, wijzen de weg, trekken een spoor. Ik volg ze, ik geef me aan ze over.
Reactie plaatsen
Reacties